Een Klungeljaar

Als coach geniet ik er enorm van om een tijdje mee te mogen bewegen met het ontwikkelproces van begaafde jongeren. We bespiegelen intense emoties, bespreken hoe vriendschappen ontwikkelen, bevragen welke toekomstbeelden in hen leven, ontdekken welke levensfilosofie er in de bloei van de huidige levensfase vormt, onderzoeken welke denkers hen inspireren, welke muziek hen mateloos boeit en stellen en ontkrachten evengoed en genuanceerd wat waarheid, rechtvaardigheid en schoonheid voor hen betekenen.

Regelmatig delen zij kwetsbare ervaringen. Bijvoorbeeld ten aanzien van sociaal contact. Velen van hen beleven een sensitieve binnenwereld, intensieve zelfreflectie en ongefilterd veel levensvragen. Maar ook piekende boosheid, hardnekkige zelftwijfel en soms verstommende verdediging. Dit heeft er vaak mee te maken, dat zij zich regelmatig ‘out of sync’ voelen met hun leeftijdsgenoten, heersende denkbeelden en gevoelsmatig dwingende normen. Daarbij komt frequent in gesprek aan bod dat zij enerzijds een duidelijk zelfstandige visie hebben en anderzijds lang kunnen twijfelen aan wie ze zijn, wie ze willen zijn en wat te besluiten. Dat kan weleens als een tegenstrijdigheid aandoen. Op anderen komen ze over als iemand die het zelf zo goed weet, van binnen voelen ze zich frustrerend wiebelig. Ze verlangen spiegeling in contact met anderen, maar ervaren dit in de dagelijkse praktijk onvoldoende. Sommige van hen ervaren al van zeer jongs af aan dat de buitenwereld, met name school, hen niet biedt wat ze nodig hebben. Soms wordt daar innerlijk op gereageerd met hoop: straks, op de middelbare school/universiteit/als ik volwassen ben, zal alles goed gaan. Diep van binnen ervaren sommige van hen intense machteloosheidgevoelens - ervaringen die dermate uitzichtloos kunnen voelen dat expressieve boosheid, ondanks de afstand die het onderhoudt tot anderen, de voorkeur heeft. In boosheid kan er nog gevochten worden tegen de situatie en is er een mate van zelfbehoud, in machteloosheid valt de toekomst uit handen.

Als we deze ervaringen hardop onderzoeken, komt vaak nog voren dat er onderliggend een diepe behoefte aan acceptatie, verbinding en creativiteit in schuilt. Gezien worden, begrepen worden en de vrijheid en toereikende bronnen ervaren om een eigen ontwikkelingstraject ín de samenwereld vorm te geven. De menselijke behoefte aan verbinding is groot, de menselijke behoefte aan zelfbehoud is evengoed groot. En zeker voor deze groep begaafde jongeren, die zich al vroeg ‘anders’ voelen en buitengewoon sensitief bedraad-zijn, is het zelfbewustzijn een belangrijk ankerpunt. Ze voelen veel binnenstebuiten, voorwaarste beweging naar de wereld toe, ze voelen zich aangetrokken tot bemeestering van complexiteit. ‘Maar’ ze hebben ook die verbinding nodig, die verbinding die voor hen veelal in een ‘platte’ wereld lijkt te bestaan en waar ze de, hún, complexiteit in ontheemd voelen.

Niet zelden is er een voortgaand, ingewikkeld conflict tussen ‘jezelf zijn’ en ‘opgaan in een groter geheel’. Hoe meer de sociale verbinding wegvalt, hoe groter de tegenreactie kan zijn, de neiging om in het zelf weg te trekken of boos op dierbaren tot aan wereldlijke politieke systemen te zijn.

In gesprek ontrafelen we de emotionele ervaringen, is er stilte en humor als draagkracht en bestuderen we verschillende perspectieven op geluk en lijden. We begrijpen, scheppen en laten ruimte voor herkenning van emoties en waar dat nodig blijkt, duiden we problemen die we in termen van ontwikkelkansen ‘framen’ en waar we evenwichtige oplossingen voor onderzoeken. Zoals het actief opzoeken van omgevingen waar andere personen zijn die gelijkende interesses en intensiteiten kennen. Wanneer dit wordt uitgeprobeerd, start een leerproces waarin wederkerige relaties opgebouwd kunnen worden. In deze situatie is het belangrijk dat openheid er (weer) mag zijn. Soms heeft de begaafde jongere zich zo lang onbegrepen gevoeld, dat er best een omhulsel aan afwijzende gedachten om het kwetsbare zelf gebouwd is. Het mag ook even tijd en ruimte vragen om deze dichtgemetselde gedachtenwereld te ontspannen tot er hernieuwde openheid is. Op deze openheid zal een (passende) omgeving reageren met nieuwsgierigheid - in het samenspel dat daar ontstaat, is verbinding voelbaar en wordt creativiteit natuurlijkerwijs wakkergeschudt.

Klungelend Tussenjaar

Een ander thema dat vaak aanbod komt, is een zogeheten tussenjaar. Dit zijn vaak jongeren die al van dreumes af aan de kracht van keuzes enorm ervaren. Hun intellect en hun wil is groot, robuust zoals het zelfzoekende aspect van hun belevingswereld dit ook is. Wanneer gevoelsmatig grote keuzes gemaakt mogen worden, zoals studierichting, kan deze periode heel kwetsbaar en ‘eisend’ voelen en kunnen eerdere solide gedachten over de precieze studiekeuze ‘pardoes’ broos aan doen. Regelmatig wordt er als reactie op aanhoudende, valide twijfel gekozen om een tussenjaar te nemen.

In gesprek komen we er dan vaak op uit, dat wat er gebeurt in deze toegenomen tijd en ruimte niet direct of alleen heel prettig voelt. Er worden weliswaar nieuwe activiteiten ondernemen en dat is boeiend maar het is ook zo dat er meer mentale ruimte vrijkomt omdat er minder focus is op taken ( zoals toetsen op school). In deze bewust toegestane twijfelruimte is er veel (potentiële) bewustwording, er zijn veel gedachten over het zelf, sociale interacties, herinneringen en plannen. En in zo’n tussenjaar kan dit soms best zwaar zijn, want er is ‘nog’ geen duidelijk toekomstperspectief, het zelf is juist volop in ontwikkeling en sociale interactie is regelmatig een pijnlijk thema dat nu onvermijdbaar voelbaar is. Er is onzekerheid, er is veel gevoel en er is een mate van onbestemdheid.

In gesprek dopen we dit jaar dan ook vaak om tot een klungeljaar.

Een klungeljaar waarin er ontdekt, gespeeld en geobserveerd mag worden. Waarin de persoon juist, net als vroeger de norm was, 'brabbelt’ en in de vrije ruimte opmerkt wat geest en lichaam doen, welke automatismen er zijn en welke ongefilterde interesses er opleven wanneer nieuwe omgevingen uitgeplozen worden.

In een klungeljaar worden er gaandeweg ook keuzes gemaakt, maar die keuzes vloeien voort uit allereerst onbewuste processen. Er worden nieuwe verbindingen gelegd, maar niet door een mandaat vanuit het intellect of een dieper gepijnigd gevoel niet genoeg te zijn en jezelf een plek in de maatschappij te moeten presteren. Het klungeljaar biedt de ruimte om uit te proberen en het zelf en diens neigingen te leren kennen. Dat is soms best pittig, soms enorm vermakelijk, vooral dapper en als leerproces goud waard.

Zo’n klungeljaar blijkt verbazingwekkend leerzaam. Oh, dit betekent het om mens te zijn. Oh, dit heeft mij gepijnigd, ik begrijp het nu en weet nu wat ik nodig heb. En oh, dat was het waar mijn hart harder van ging kloppen! Wow, wat een exploratiekansen!

Zo’n klungeljaar kan ook de ruimte betekenen om vanuit (her)ontdekte fascinaties omgevingen met gelijkgeïnteresseerden en boeiende uitdagingen te leren kennen. Langzaamaan ontstaan mogelijkheden tot wederkerige relaties en flow in een taak die de hele persoon engageert. Deze ervaringen zijn soms best lastig, want als de kans tot wederkerigheid er dan ‘eindelijk’ is, zijn dubbele gevoelens merkbaar. De pijn van eerder sociaal gemis wordt soms nog iets scherper gevoeld en oude verdedigingsmechanismen (van betweter tot eenzame kunstenaar) steken wellicht de kop op. De begaafde persoon bevindt zich misschien in een kamer waar hij of zij niet meer de slimste is en leert ook dat falen de beste manier is om tot ter doende ontdekkingen te komen in de nu minder bevreemdend aanvoelende buitenwereld. Een beetje provocerend: Hier begint het echte leren. Met je hoofd, hart en handen. Met elkaar, in een proces.

Een psychologisch of pedagogisch begeleider die af en toe aan de zijlijn meespiekt, invoelt en op speelse wijze doordachte vragen stelt, kan veel steun en inzicht voeden. De begeleider faciliteert momenten van gerichte zelfreflectie en integere lol over de bewustwording die plaatsvindt en geïntegreerd mag worden. Uit ervaring kan ik zeggen; niets mooier om getuige van dit proces te zijn. De begaafde jongvolwassene ontpopt, heelt wonden, accepteert eigenheid en beweegt vanuit vertrouwen naar de wereld toe. Schoonheid.

En geloof me, daar wordt de wereld ook mooier van!

Previous
Previous

Natuurlijkerwijs complex

Next
Next

Leerhonger